| De ca. 70 soorten omvattende familie Mustelidae van de Roofdieren, wijd verbreid over het noordelijk halfrond, met enkele vertegenwoordigers in Afrika, Zuid-Azië en Zuid-Amerika. Marterachtigen zijn kleine (of hooguit middelgrote) roofdieren, meestal lang en slank van bouw, met naar verhouding korte poten met vijf tenen en scherpe klauwen. Deze teengangers of zoolgangers leven van kleine prooidieren; soms echter zijn zij ook herbivoren. Het gebit bevat een groot aantal elementen, scherp gepunte kiezen en scheur- of knipkiezen; de kop draagt korte oren. Bij de anus bevinden zich anale klieren die een stinkend secreet kunnen afgeven, dat als effectief verdedigingsmiddel gebruikt kan worden. |
| De pels bestaat uit zacht en fijn haar; een aantal soorten levert bont (hermelijn, iltis, kolinsky, marter, mink of nerts, otter, sabel, skunk) van de hoogste kwaliteit, wat geleid heeft tot een intensieve jacht en pelsdierfokkerij. Andere soorten zijn van belang als predatoren van kleine knaagdieren. |
![]() |